Ken je plek, weet waar je staat

Gepubliceerd op 3 december 2019 om 22:16

Je bent nooit alleen. Je kunt je wel alleen voelen, maar je bent het eigenlijk niet. We maken allemaal deel uit van verschillende systemen en binnen die systemen hoor je er altijd bij. Zo hebben we allemaal onze eigen plek in de familie, een systeem waar je niet uit kunt stappen. Je kunt het contact met familie breken, maar het blijft je familie. Het familiesysteem bepaalt voor een groot deel wie je bent en wat je plek is op de wereld. Je bent geboren uit je ouders, zij uit hun ouders en zo kun je generaties lang teruggaan. De opvoeding, gebeurtenissen en ervaringen van je (voor)ouders hebben invloed op wie jij bent.

 

Toch zijn er systemen waar je wel uit kunt stappen. Die systemen noemen we organisatiesystemen. Hierbij kun je denken aan de sportgroep, een orkest, een vriendengroep of de klas waarin je zit. Na mijn eerste trainingsdag bij ‘GroepsGeluk – systemisch werken in de klas’ is mij veel duidelijk geworden over dit soort systemen. Zelf heb ik in mijn werk als leerkracht vooral te maken met het klassensysteem: de groep waarin mijn leerlingen en ik zich bevinden. Een groep met unieke persoonlijkheden die allemaal hun eigen ouders, broertjes en zusjes met zich meenemen. Om het klassensysteem duidelijk te maken en om de plekken in de klas zichtbaar te maken, gebruik ik de ‘poppetjes’ van GroepsGeluk. Maar hoe werkt dit eigenlijk?

 

De middag begint in de kring. In het midden van de kring staat een tafel met hierop een groen, vilten veld. Dit veld is de klas van gevoel. Kinderen kiezen hun eigen poppetje uit en plakken op dit poppetje hun naam. Als iedereen gekozen heeft, kan het plaatsen van de poppetjes beginnen. Dit begint bij de leerkracht. In stilte zet iedereen één voor één een poppetje neer. Het is bijzonder om te zien hoe dit veld met poppetjes een afspiegeling wordt van wat ik zie in de werkelijkheid. Bepaalde kinderen die dicht bij elkaar staan, kinderen die zichzelf bij mij in de buurt plaatsen, kinderen die hun poppetje aan het randje van de klas zetten of zelfs met de oogjes naar buiten gericht. Meteen geeft dit een heel helder beeld.

 

‘Wat valt je op?’ Dat kan iedere keer verschillen. Dit keer valt het meerdere kinderen op dat er veel groepjes zichtbaar zijn. Ook staan veel kinderen alleen. Veel kinderen herkennen dit gevoel en plaatsen het symbool van de muur op het veld. ‘Het voelt alsof er een muur tussen de groepjes en de kinderen die alleen staan, staat.’ Een ander meisje kiest voor het symbool van het rolluik. ‘Een rolluik kan open en dicht. Voor mij is het rolluik nu dicht, omdat het tussen kinderen in staat. Ook voelt het in de klas een beetje donker.’ Kinderen spreken uit hoe ze zich voelen op hun plek, ze krijgen de kans om hun poppetje te verzetten en hebben daar ieder hun eigen reden voor. Emoties worden gedeeld en wensen worden kenbaar gemaakt.

 

Er wordt een vuurtje aangewakkerd. ‘Juf, ik hoop dat, wanneer we dit aan het einde van het schooljaar nog eens doen, alle kinderen dan in het midden bij elkaar staan.’ Dit wordt beaamd door haar klasgenoot: ‘Ik hoop dat we dan als één groep op het veld staan, want die losse groepjes voelen niet prettig voor mij.’ Ik deel die wens en verplaats mijn juffenpoppetje naar het midden van het veld, bij deze twee meisjes die er al staan. Ik vraag de klas of meer kinderen deze wens delen. Bijna iedereen steekt een hand in de lucht. Als ik vraag of er kinderen zijn die hierin een leidende rol kunnen spelen, worden er namen aangedragen. Leidend op een positieve, verbindende manier. Volgens klasgenoten zijn die kinderen er wel. Een jongen merkt op dat we eigenlijk al gezien hebben dat er een meisje is, dat dit goed kan. Steeds wanneer zij haar poppetje verplaatst, zet ze zichzelf neer bij kinderen die alleen staan. Ze ontvangt zijn woorden met een glimlach en zegt dat ze het heel bijzonder vindt dat zij op die manier wordt gezien. Ook vier andere meisjes worden gekozen voor het vervullen van deze leidende rol. Achter deze meisjes worden edelstenen geplaatst, die staan voor talent en kwaliteit. En zo komen we weer een stap dichterbij een gelukkige groep.

 

Over het inzetten van dit systemisch werken, ben ik heel enthousiast. Naast het gebruik in klassen, zie ik ook hoe waardevol dit kan zijn voor het coachen van individuele kinderen. Als het kind problemen ervaart op school, kan het zijn of haar klas neerzetten en er over vertellen. Als de hulpvraag van het kind met de thuissituatie te maken heeft, kan het zijn of haar gezin zichtbaar maken. En het fijne is dat je er samen van een afstandje naar kunt kijken. Deze houten poppetjes zullen nog veel tevoorschijn getoverd gaan worden.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Ad Verheij
2 jaar geleden

Helder! Goed uitgelegd hoe het werkt en wat hiervan het doel is. Het levert zoveel inzichten op!